Kattengedrag centrum
Kattengedrag

Fokkers

Informatie Opleidingstraject



Kattengedrag voor fokkers

2009

 

Drie kittens in een mandje





De Maneki Neko kat
Katten Gedrag Centrum
Joris Ivensplein 108

1087 BP  Amsterdam
www.kattengedragcentrum.nl

 

1. Veelgestelde vragen

-        "Eén van mijn katten wordt steeds belaagd door zijn groepsgenoten; kan ik hem leren beter van zich af te bijten?
-        "Is er een manier om zulke conflicten te voorkomen?"
-        "Hoewel ik consequent optreed, blijft mijn kat de meubels en zelfs de vloer openkrabben; hoe los ik dit op?
-        "Ik zie dat mijn kat stress heeft, maar omdat ik niet weet hoe ernstig het is vraag ik mij af of ik moet ingrijpen en hoe."
-        "Wat kan ik doen aan een sproeiende kat als ik geen hormoonbehandeling wil geven?"

Raskattenverenigingen en eigenaren van catteries stellen regelmatig dit soort vragen aan het Kattengedragcentrum (KGC). Dit was de reden voor het KGC om een behoefteonderzoek te starten onder fokkers. Daaruit bleek dat er grote belangstelling is voor een opleiding die ondersteuning geeft bij deze kwesties. Dit heeft geresulteerd in een opleidingstraject dat geschikt is voor iedereen die zich bezig houdt met het fokken van katten.

 2. Wie bieden de opleiding aan?

De opleiding is in handen van Marcellina Stolting van het Kattengedragcentrum. Zij is kattengedragstherapeut en helpt eigenaren met het oplossen van gedragsproblemen bij hun katten. Zij geeft cursussen en lezingen en haar adviezen zijn ook te lezen in de bladen van o.a. Felikat, Mundikat en Neokat. Misschien kent u haar ook al van voorlichtingsactiviteiten op kattenshows.

Voor de cursus heeft zij diverse experts ingeschakeld:
Frits Lamberts, Riëtte van Beek en Manon Oosterhof

Frits Lamberts, afgestudeerd aan de Universiteit van Gent, is werkzaam als kattendierenarts. Hij is een van de oprichters van de Vereniging voor Kattengeneeskunde. Bij raskatten- en fokkersverenigingen is hij een veelgevraagd spreker. Voor dit opleidingstraject verzorgt Frits Lamberts de module ‘Lichamelijke problemen bij katten'.

Riëtte van Beek is bioloog en ervaren fokker. Zij geeft cursussen aan fokkers over genetica bij katten. Ze ontwikkelde onder meer een gecomputeriseerd systeem dat met behulp van stamboominformatie fokkers kan helpen bij het kruisen van katten met bepaalde gewenste eigenschappen. In haar module ‘Erfelijkheid bij katten' geeft zij hiervan een demonstratie.

Manon Oosterhof, afgestudeerd pedagoog, is verantwoordelijk voor de opzet van de training. Voor het KGC ontwikkelde Manon Oosterhof al eerder cursussen over kattengedrag. Ook was zij betrokken bij de scholing en begeleiding van kattenoppassers.

 

3. De doelstellingen van de opleiding

Uit de vijf bovengenoemde vragen blijkt al welke doelstelling wij met de opleiding hebben. U leert op een directe en positieve manier te reageren op uw kat. U wordt bijvoorbeeld getraind in communicatietechnieken die katten begrijpen. Ook leert u hoe te handelen bij stress en angst in uw kattengroep en kunt u lastig gedrag zoals sproeien, krabben en vechten helpen voorkomen.In elk geval willen wij met u werken aan harmonie in uw kattenhuishouden. Wat u daar ook heel goed bij kan helpen is een inrichtingsplan om uw cattery aan te passen.Hoe u dit alles in de praktijk kan toepassen, komt uitgebreid in de cursus aan de orde.

 4 Voor wie is de opleiding bedoeld?

Iedereen die geïnteresseerd is in kattengedrag kan zich opgeven voor het leertraject, of u nu wilt beginnen met fokken of dat u al een tijdje bezig bent. In deze opleiding vindt u in slechts 4 of 5 dagen alles wat u als fokker moet weten over kattengedrag. Omdat wij samen met u een persoonlijk plan van aanpak maken, is deze opleiding voor ervaren fokkers bovendien de ideale manier om hun cattery verder te professionaliseren. U kunt na deze cursus op basis van parate kennis en steekhoudende argumenten aanbevelingen doen aan kittenkopers. Bovendien kunt u medefokkers adviseren en kattenverenigingen van dienst zijn bij de onderbouwing van hun beleid.

5. De opbouw van de opleiding

De opleiding bestaat uit vijf zaterdagen van halftien tot halfzes. Drie dagen zijn gewijd aan de basisprincipes van kattengedrag. De vierde dag is gereserveerd voor de extra thema's ‘Lichamelijke problemen' en ‘Erfelijkheid', die gegeven worden door Frits Lamberts en Riëtte van Beek. Op de vijfde dag vindt, facultatief, een examen plaats, waarvan u een certificaat krijgt als u slaagt. Voor deze dag gelden aangepaste tijden. Een aantekening op het certificaat voor de onderdelen ‘Lichamelijke problemen' en ‘Erfelijkheid', behoort tot de mogelijkheden. Over de inhoud van dit examen en de voordelen van het certificaat leest u in paragraaf 7, met het kopje ‘Examen'. Een overzicht van het lesprogramma, vindt u in paragraaf 8.

6. Onze werkwijze

Er zal veel gewerkt worden met observatieoefeningen. Dat gebeurt aan de hand van foto- en filmmateriaal en ook met katten in levende lijve. U kunt ook oefeningen verwachten waar uw eigen inbreng wordt gevraagd, zodat een uitwisseling over ieders aanpak ontstaat. Onderwerpen zoals uithuisplaatsing en euthanasie zullen niet onbesproken blijven.

Al tijdens de cursus gaat u de opgedane kennis en methoden in uw eigen cattery toepassen. Daarvoor krijgt u enkele thuisopdrachten. Een deel van deze opdrachten telt mee voor het examen. Tijdens de les worden deze onder begeleiding van docenten besproken en zonodig verbeterd voordat ze in het examendossier terechtkomen.

Aan het begin van de opleiding ontvangt u een cursusmap. Deze map bevat informatie over de onderwerpen die behandeld zullen worden. Ook treft u hierin uitleg over de thuisopdrachten.

7. Examen (facultatief)

U heeft de mogelijkheid om de opleiding af te sluiten met een examen. Dit examen bestaat uit drie delen:
-        Opdrachten: deze worden van tevoren ingeleverd en moeten met minimaal een voldoende beoordeeld zijn om deel te kunnen nemen aan de rest van het examen.
-        Toets: deze toets zal voornamelijk vragen over het herkennen van kattengedrag bevatten.
-        Eindgesprek: de geëxamineerde licht de gemaakte opdrachten toe. Ook komt in dit gesprek de visie op haar of zijn functioneren als fokker ter sprake.

 

Met het examencertificaat kunt u profiteren van de volgende voordelen:
-        Het behalen van een extra aantekening op uw certificaat voor de verdiepingsmodulen ‘Lichamelijke problemen' en ‘Erfelijke eigenschappen'.
-        Gratis vermelding in de lijst van aanbevolen catteries op de website van het KGC.
-        Gratis nascholingsdag met de mogelijkheid tot persoonlijk advies en het uitwisselen van ervaringen.

8. Data en programmaoverzicht

De training in 2009 wordt gegeven op de volgende data:
26 september
10 oktober
24 oktober
7 november
21 november (examen, facultatief)

Programmaoverzicht

data 2009

lesonderdeel

docent

dag 1

26/9

basisprincipes van kattengedrag:

- communicatie
- ontwikkeling en socialisatie

Marcellina Stolting en Manon Oosterhof

dag 2

10/10

basisprincipes van kattengedrag:

- huisvesting
- groepssamenstelling

Marcellina Stolting en Manon Oosterhof

dag 3

24/10

basisprincipes van kattengedrag:

- gedragsproblemen

Marcellina Stolting en Manon Oosterhof

dag 4

7/11

verdiepingsthema's:

- lichamelijke problemen
- erfelijke eigenschappen

 

Frits Lamberts

Riëtte van Beek

dag 5

21/11

examen:

- toets
- eindgesprek