Kattengedrag centrum
Kattengedrag

Gedragsproblemen

GEDRAGSRUBRIEK


In dit artikel vertelt Elles Nijssen van het Kattengedragsadviesbureau over kattengedragstherapie en stelt zij zich voor aan de lezers van Majesteit. Dit omdat zij daar de lezersvragen over kattengedrag zal beantwoorden. Voorheen werd deze rubriek verzorgd door kattenliefhebber Francien van de Westering.

Gedragsproblemen, waar kun je terecht?

Juist omdat katten zo leuk, slim, lief en mooi zijn, is het zo jammer dat velen van hen niet lekker in hun vel zitten. Vaak worden problemen niet herkend. Dat is logisch, want hoewel er veel bekend is over kattengedrag, weet het grote publiek er niet veel van. Er zijn bijvoorbeeld veel gedragingen waarvan gedacht wordt dat die nou eenmaal bij katten horen, terwijl die in werkelijkheid een signaal kunnen zijn dat er iets met een kat aan de hand is.

Als een kat in huis wildplast of –poept, of sproeit, onophoudelijk miauwt, agressief is tegen mensen of andere katten, achter zijn eigen staart aanjaagt of overal krabt, weet je wel dat je hulp moet zoeken. Bij het meest voorkomende gedragsprobleem – angst - werkt het juist niet zo. Daar zoeken mensen niet vaak hulp voor. Misschien omdat zij zelf niet zo veel last hebben van de angst? Of omdat ze niet kunnen bevatten dat er iets aan te doen is?

Twijfels? Naar de dierenarts!

Wat te doen als u vermoedt dat uw kat een gedragsprobleem heeft? Ga dan eerst naar de dierenarts voor lichamelijk onderzoek. Een kat kan namelijk (ernstig) ziek zijn zonder dat zijn ‘baasje’ dat doorheeft! Katten stellen alles in het werk om ziekte te verbergen. In kattenkolonies (de natuurlijke samenlevingsvorm van katten, althans, als er voldoende prooidieren zijn) keldert je ‘status’ namelijk als je ziek of zwak bent. Dus kun je zwakte maar beter verbergen. Bovendien moeten katten elke dag eten, na drie dagen zonder eten kunnen ze doodgaan. Van nature zet een zieke kat dus alles op alles om te blijven jagen en actief te blijven. Gelukkig vallen katten toch vaak door de mand als ze ziek zijn. Vaak geeft ziekte namelijk gedragsveranderingen. Voorbeelden zijn rusteloosheid, veel mauwen, onzindelijk worden, overdreven aanhankelijk zijn.

Hoe herkent u een goede therapeut?

Vertoont uw kat vreemd of lastig gedrag, en blijkt bij de dierenarts dat hij gezond is, dan kunt u denken aan een gedragsprobleem. U kunt dan het beste een kattengedragstherapeut inschakelen. Een goede therapeut komt bij u thuis om de kat een aantal uren uitgebreid te observeren en tests af te nemen. Vóór het consult krijgt u een uitgebreide lijst met vragen over het verleden, het gedragsprobleem en de gezondheid van de kat. Op basis van de vragenlijst en het consult krijgt u allerlei adviezen. Een goede therapeut geeft uitsluitend katvriendelijke adviezen. Er zijn helaas ook therapeuten die katonvriendelijke adviezen geven, zoals een kat opsluiten om ongewenst gedrag te doorbreken of hem te straffen bij ongewenst gedrag (bv met de plantenspuit, of door hem laten schrikken).

Sproeien: binnen 2 maanden te verhelpen!
De lengte van een behandeling hangt af van het probleem. Wildplassen, -poepen of sproeien is binnen twee maanden op te lossen. Bij angstklachten kan het langer duren. Om een goed resultaat te behalen moeten alle adviezen goed worden opgevolgd. Maar dat is heel goed te doen!

Het Kattengedragsadviesbureau
U kunt het Kattengedragsadviesbureau inschakelen voor kattengedragstherapie, trainingen en lezingen over kattengedrag en demonstraties klikkertraining met getrainde katten. Het bureau werkt op basis van wetenschappelijke inzichten en geeft uitsluitend katvriendelijk adviezen die aansluiten bij het natuurlijke gedrag en de natuurlijke behoefte van katten.

Elles Nijssen: Katten worden onderschat
‘Ik leefde al 30 jaar met katten toen ik een kattengedragsdeskundige Marcellina Stolting van het Kattengedragsadviesbureau inschakelde voor een van mijn katten. Toen bleek dat mijn katten anders in elkaar bleken te zitten dan dat ik zelf ooit had kunnen bedenken. Dat was best confronterend, maar stimuleerde me ook om meer over deze wezens te leren. Katten zijn nóg bijzonderder dan ik altijd had gedacht! Het zijn hoogintelligente dieren, ze leren snel en makkelijk. En het wonderlijkste: ze zitten gedragsmatig exact hetzelfde in elkaar als katten die in het wild leven.

Inmiddels ga ik heel anders met katten om. Ik kijk ze niet meer aan; daar houden ze niet van. Ik geef ze geen eten meer in een bakje, want dat is voor een roofdier echt niet leuk (zie het artikel over voedselverrijking). Ik laat ze dagelijks ‘nepjagen’, want het zijn toch echt roofdieren (zie het artikel over spelen). En ik doe aan klikkertraining.

Eigenlijk is het verbazingwekkend hoe weinig men over het algemeen weet over de kat als huisdier. Kittens worden bijvoorbeeld veel te vroeg (vóór de leeftijd van 16 weken) bij de moeder weggehaald. Dat leidt tot problemen. Veel katten leven alleen omdat mensen denken dat ze het solitaire wezens zijn. Katten zijn juist erg sociaal. Ik vertel u de komende tijd heel graag meer over katten en ik kijk ernaar uit om uw vragen over hun gedrag te beantwoorden!’

De katten van Elles: Zaphir, Tochka en Tjanushka. Katten zijn sociale wezens!

Zaphir, een bange kampioen

Elles: ‘Zaphir, een van mijn katten, heeft last van angst. Dat komt door de vele kattenshows in binnen- en buitenland waaraan hij heeft meegedaan, gecombineerd met een gevoelig karakter. Zijn vorige eigenares had niet door dat Zaphir niet geschikt is voor shows, ook al verstopte hij zich tijdens shows het liefst onder een dekentje, en kroop hij als kitten soms onder haar trui om aan de keurmeester te ontkomen. Ze wilde graag dat hij ’Europees Kampioen’ werd. Dat is gelukt. (Ik schrijf dit met haar toestemming.) Maar de prijs was hoog: angst.

Ik besloot voor Zaphir een consult te nemen bij het Kattengedragsadviesbureau. Ik heb dat eerlijk gezegd aan niemand verteld, omdat ik zeker wist dat vrienden zouden denken: ‘Echt weer wat voor Elles: de katten hebben een stuipje en er wordt meteen een therapeut van de plank getrokken!’

Door de behandeling van therapeut Marcellina Stolting gaat het een stuk beter. De angst is sterk afgenomen. Maar nog niet weg. Naar de dierenarts gaan betekent twee weken angst voor plotselinge bewegingen. Door veranderingen raakt hij snel van slag. Laatst is hij even in ons gemeenschappelijke trappenhuis geweest. Dat leidde tot enorme paniek. Een paar dagen later vond ik twee grote angstplassen in huis. De derde keer dat hij in huis heeft geplast in anderhalf jaar. Het zal nog even duren voordat Zaphir geen last meer heeft van angst. En dat is niet zo raar: 31 keer een traumatische ervaring op kattenshows gaat je niet in de koude kleren zitten. Katten hebben namelijk een goed geheugen

Angst kan soms wél snel overgaan met een goede behandeling. Het ligt er maar net aan wat de oorzaak van de angst is en hoe de kat in elkaar zit.’

Sinds Zaphir en Elles aan klikkertraining doen gaat het veel beter met hem. (foto Linda Beumer)